Vals geld
Ter voorbereiding op ons naderende vertrek, en omdat alles hier wat langzamer pleegt te gaan dan je zou willen, doen we vast geldzaken, om de kinderen verzorgd achter te kunnen laten. De bankbiljetten die we bewaarden in de hoop dat de dramatisch gedaalde koers van de euro weer wat zou aantrekken, wisselen we bij Punjab Forex. Die geeft de hoogste koers. (60.25 roepies per euro. Vorig jaar was dat nog tegen de 69, en eerder dit jaar daalde de koers tot 55!)
Op de benauwd warme eerste verdieping van een Raymonds maatpakken winkel zit een man in het wit achter een toonbank tussen rollen stof. Aan de muur naast hem een enorm portret van een sikh guru (niet een van de bekenden). `Wie is dat?’ `His Holiness’, antwoord hij. `Welke holiness?’ Er volgt, met tegenzin, een lange, onverstaanbare naam.
Dan verschijnt de man die de euro’s wisselt. Een kleine, gedrongen gestalte, ook al helemaal in het wit. Hij telt het geld, wij tellen het na, hij schrijft een bon en wij kunnen naar de bank om te storten.
Het bedrag dat je mag storten mag niet hoger zijn dan 25.000 roepies per keer. Dat betekent dat we een paar keer naar de bank moeten om de gewisselde euro’s te storten zodat we daarna bij beetjes geld kunnen pinnen.
We trekken een nummertje en gaan tussen de wachtende mensen zitten. Na een minuut of wat begint een van de mannen achter de balie te zwaaien en te wenken. Het duurt even voor iedereen begrijpt dat hij mij wenkt. Een beetje beschaamd wegens voordringen ga ik naar de balie en overhandig de man mijn geld en het stortingsformulier. Het geld gaat in een telmachine, en daarna worden alle biljetten handmatig gecontroleerd op echtheid. `Er is vals geld in omloop, wordt gedrukt in Pakistan. De Pakistani willen onze economie ontwrichten’, zegt de man achter de balie.
Dat verhaal ken ik. In Nepal nemen ze niet eens meer 500 Indiase roepie biljetten aan omdat er zoveel vals geld tussen zit.
`Ha’, zegt de man, `hier is er eentje.’ En waarachtig: als je het weet, zie je het meteen: vale kleur, geen groene strip, en de gaatjes van de nietjes zijn geen gaatjes maar gekopieerde zwarte puntjes op het papier. Een vals briefje! Verdorie, da’s niet zo mooi. Zou hij de politie bellen, zoals de regels voorschijven? Dat zal een heel gedoe geven.
Inderjit Singh lacht me echter vriendelijk toe. `Altijd goed opletten, hoor’, zegt hij, en laat me in detail zien hoe ik echt van vals moet onderscheiden. Verder niks. Aardige man, die Inderjit. Hij schrijft zijn naam en telefoonnummer op een briefje: `bel me als ik ergens mee kan helpen.’
We gaan terug naar Punjab Forex. De wisselaar is not amused. Hij wisselt het valse biljet om voor een echte en snauwt: `Ik wil jullie hier niet meer zien. Dit is een schande voor mij.’
Gelukkig zijn er meer kantoren van Western Union, die we allemaal gaan uitproberen de komende jaren.

